Het ministerie van Financiën heeft op 28 november 2025 een consultatieversie gepubliceerd van het Wijzigingsbesluit toegang UBO-registers voor natuurlijke personen en rechtspersonen met een legitiem belang (“het Wijzigingsbesluit”). Hiermee wordt invulling gegeven aan de relevante artikelen uit de zesde anti-witwasrichtlijn (Richtlijn (EU) 2024/1640, “AMLD6”), en regelt welke partijen – naast bevoegde autoriteiten en Wwft-instellingen – op basis van een “legitiem belang” toegang (kunnen) krijgen tot de registers van uiteindelijk belanghebbenden (UBO’s) van vennootschappen, trusts en soortgelijke juridische constructies. De consultatie loopt tot en met 9 januari 2026. Lees hieronder de bijdrage van Oscar Pluimer en Matthijs van Dijk (beide JahaeRaymakers Advocaten).
Dit artikel verscheen eerder op Riskcompliance.nl. Riskcompliance.nl gaat verder als onderdeel van PONT Governance | Risk en Compliance.

Deze consultatie volgt op de Wijzigingswet beperking toegang UBO-registers, die op 16 juli 2025 in werking trad. Deze wet herstelde het juridische kader voor inzage in UBO-informatie, nadat inzage was opgeschort naar aanleiding van een uitspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU) in 2022. De Wijzigingswet herstelde de toegang tot het UBO-register onder andere voor bevoegde autoriteiten zoals FIU-Nederland, DNB, AFM en Wwft-instellingen die cliëntenonderzoek verrichten.
Omdat de Wijzigingswet het begrip “legitiem belang” niet zelf invult, is de nadere uitwerking van dit begrip doorgeschoven naar lagere regelgeving. Het voorliggende Wijzigingsbesluit vormt deze concretisering en sluit aan bij de categorieën die in AMLD6 worden onderscheiden.
In het Wijzigingsbesluit wordt een aantal categorieën partijen aangewezen die worden geacht een legitiem belang te hebben. Deze categorieën komen grotendeels overeen met de lijst in AMLD6 en omvatten onder meer:
Daarnaast bevat het besluit een restcategorie: andere personen en rechtspersonen met een aantoonbaar legitiem belang kunnen eveneens toegang krijgen, maar dit wordt per geval beoordeeld door de KvK.
Het Wijzigingsbesluit introduceert twee vormen van toegang:
Partijen met een legitiem belang krijgen toegang tot een beperkte set gegevens van de UBO: naam, geboortemaand en -jaar, land van verblijf, nationaliteit(en) en de aard en omvang van het economisch belang. Journalisten, maatschappelijke organisaties en bevoegde autoriteiten uit derde landen krijgen daarnaast ook toegang tot historische informatie en een beschrijving van de zeggenschap- of eigendomsstructuur. Deze uitbreiding wordt geregeld in de Implementatiewet ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering (IWT), die parallel aan dit besluit wordt voorbereid.
De KvK kan toegang weigeren of intrekken op basis van een limitatieve lijst van gronden. Voordat de KvK een verzoek weigert of toegang intrekt, kan zij aanvullende informatie of documenten opvragen bij de aanvrager. Tegen een besluit tot weigering of intrekking staan bezwaar en beroep open op grond van de Algemene wet bestuursrecht.
In het Wijzigingsbesluit worden ook de mogelijkheden voor afscherming van UBO-gegevens uitgebreid. Naast de bestaande gronden (beveiliging door de overheid of minderjarigheid/handelingsonbekwaamheid) wordt een nieuwe categorie toegevoegd: UBO’s die niet langer dan een jaar geleden aangifte hebben gedaan van bedreiging als bedoeld in artikel 285 van het Wetboek van Strafrecht en bewijs van deze aangifte kunnen overleggen, kunnen voor drie jaar afscherming aanvragen. Na afloop van deze termijn kan de afscherming worden verlengd, indien opnieuw een recente aangifte wordt overgelegd.
De KvK controleert de identiteit van aanvragers via eHerkenning (niveau 3) voor ondernemingen en DigiD (niveau ‘substantieel’) voor natuurlijke personen. Hiermee kan de KvK volgen wie toegang krijgt tot welke informatie. Hoewel de KvK de identiteit van aanvragers verifieert, vindt geen integriteitsbeoordeling plaats van degenen die toegang krijgen tot het UBO-register. Dit betekent dat ook partijen met mogelijk dubieuze motieven – mits zij aan de formele criteria voldoen – toegang kunnen krijgen tot gevoelige informatie over UBO’s.
Daarnaast worden UBO’s niet direct geïnformeerd wanneer hun gegevens worden geraadpleegd door private partijen met een legitiem belang. Zij kunnen wel op grond van artikel 15 AVG een verzoek indienen bij de KvK om te vernemen wie hun gegevens heeft ingezien, maar dit vereist een actieve handeling van de UBO. De parallel aan dit besluit voorbereide IWT regelt dat de KvK UBO’s periodiek (achteraf) informeert over raadplegingen, maar de precieze invulling van deze actieve kennisgeving moet nog nader worden uitgewerkt.
De ruime reikwijdte van de categorieën partijen die als gevolg van het Wijzigingsbesluit toegang kunnen krijgen tot UBO-gegevens, lijkt het register ruim toegankelijk te maken. Iedereen die stelt een transactie te willen aangaan met een entiteit, kan in beginsel toegang krijgen. Hoewel de KvK per geval moet beoordelen of een band bestaat met de specifieke entiteit, blijft de vraag of de KvK in de praktijk voldoende capaciteit en expertise heeft om misbruik effectief te voorkomen.
Het besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. Gelet op de implementatietermijn van de relevante artikelen uit AMLD6 (10 juli 2026) is te verwachten dat het streven is om het besluit uiterlijk medio 2026 in werking te doen treden.
Belanghebbenden kunnen tot en met 9 januari 2026 reageren op de consultatie via de website van de rijksoverheid.
Voor vragen over (raadpleging van) de UBO-registers kunt u contact opnemen met Oscar Pluimer of Matthijs van Dijk.
