Vanaf 2 augustus 2026 zijn aanbieders en gebruikers van AI-systemen verplicht duidelijk te maken wanneer mensen met artificiële intelligentie (AI) te maken hebben. De Europese Commissie heeft op 10 juni een praktijkcode gepubliceerd waarin een deel van deze transparantieverplichtingen verder is uitgewerkt. De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) adviseert organisaties die onder deze verplichtingen vallen zich te verdiepen in de praktijkcode en (onderdelen ervan) te ondertekenen. Organisaties die voor 22 juli 2026 ondertekenen, komen op de lijst met eerste ondertekenaars.

AI kan steeds menselijker communiceren. Ook wordt het steeds makkelijker om met AI content te maken, zoals teksten, beelden en audio. Dit gebeurt op grote schaal, en deze synthetische content is vaak moeilijk van echt te onderscheiden. Dat brengt risico’s met zich mee, zoals misleiding, desinformatie, manipulatie, fraude en consumentenbedrog.
Het doel van de transparantieverplichtingen is om deze risico’s te verminderen. Zo weten gebruikers en andere belanghebbenden voortaan of zij met een AI-systeem te maken hebben, of dat content door AI gemaakt (gegenereerd) of bewerkt is.
Aanbieders van AI-systemen die direct met personen communiceren (interacteren), moeten ervoor zorgen dat deze personen weten dat zij met een AI-systeem te maken hebben. Zo moet bijvoorbeeld duidelijk zijn dat een chatbot geen mens is (artikel 50, lid 1 AI-verordening (AIV)).
Gebruikers van AI-systemen voor emotieherkenning of biometrische categorisering moeten personen die hieraan worden blootgesteld hiervan op de hoogte stellen (artikel 50, lid 3 AIV).
AI-systemen voor emotieherkenning gebruiken biometrische gegevens voor het vaststellen of afleiden van emoties of intenties van mensen. AI-systemen voor biometrische categorisering gebruiken biometrische gegevens voor het indelen van mensen in categorieën.
Aanbieders van AI-systemen die audio, beeld, video's of tekst genereren, moeten zorgen dat het AI-systeem de output markeert als AI-gegenereerde content. Denk hierbij aan watermerken, metadata of cryptografische herkomsttechnieken. De markering moet ook herkenbaar en detecteerbaar zijn (artikel 50, lid 2 AIV).
Gebruikers van AI-systemen die deepfakes genereren of bewerken, moeten zichtbaar of hoorbaar vermelden dat de inhoud is gemaakt of gemanipuleerd door een AI-systeem. De praktijkcode bevat hiervoor vrij te gebruiken EU-iconen, met de woorden ‘AI’, ‘AI generated’ of ‘AI modified’ (artikel 50, lid 4 AIV).
Voor alle 4 de verplichtingen geldt dat de informatie beschikbaar moet zijn uiterlijk voor de eerste interactie met of blootstelling aan de content.
De Europese Commissie publiceerde op 10 juni de 'Code of Practice on Transparency of AI-Generated Content'. Deze praktijkcode geeft praktische invulling aan de eisen voor het markeren van AI-gegenereerde content en het labelen van deepfakes.
Deze vrijwillige praktijkcode beschrijft welke technische en organisatorische stappen aanbieders en gebruikers van generatieve AI-systemen kunnen nemen om te voldoen aan de transparantievereisten. Organisaties die de praktijkcode ondertekenen laten aan afnemers, eindgebruikers en andere belanghebbenden zien hoe zij voldoen aan de verplichtingen.
De AP adviseert aanbieders en gebruikers van AI-systemen die content genereren of manipuleren om zich te verdiepen in de praktijkcode en (onderdelen ervan) te ondertekenen. Het is mogelijk om de gehele praktijkcode te ondertekenen, of alleen de relevante sectie.
Met ondertekening laat u op een herkenbare manier zien op welke manier u aan de verplichtingen voldoet. Ondertekenen kan altijd. Wilt u op de lijst met eerste ondertekenaars komen? Teken dan voor 22 juli 2026 18.00 uur.
De Directie Coördinatie Algoritmes (DCA) van de AP is coördinerend algoritmetoezichthouder en bereidt zich voor op de aankomende toezichtstaak op de AIV. De DCA publiceert de komende maanden meer toelichting over deze transparantieverplichtingen en de toepassing daarvan.
