Menu

Filter op
content
PONT | Governance

0

Schade door een onrechtmatig overheidsbesluit: wanneer is schadevergoeding mogelijk?

Een onrechtmatig besluit van een gemeente, provincie of ander bestuursorgaan kan grote gevolgen hebben. Denk aan een ten onrechte geweigerde omgevingsvergunning, een vernietigd handhavingsbesluit of een ingetrokken vergunning die een project vertraagt. De financiële schade kan aanzienlijk zijn. Maar wanneer draait de overheid daarvoor op? In dit artikel bespreken wij wanneer een schadeclaim mogelijk is en welke obstakels daarbij een rol spelen.

17 september 2026

Wanneer is sprake van een onrechtmatig overheidsbesluit?

De regels over aansprakelijkheid voor onrechtmatig handelen zijn opgenomen in artikel 6:162 Burgerlijk Wetboek (BW). Deze regels gelden ook voor de overheid. Voor een succesvolle schadeclaim moet sprake zijn van een onrechtmatig besluit dat aan het bestuursorgaan kan worden toegerekend. Daarnaast moet de geschonden norm strekken tot bescherming van het getroffen belang (relativiteitsvereiste), moet causaal verband bestaan tussen het besluit en de schade en moet daadwerkelijk schade zijn geleden.

Besluitaansprakelijkheid begint met een onrechtmatig besluit. Daarvan is in ieder geval sprake als de bestuursrechter een besluit vernietigt na bezwaar en beroep. De onrechtmatigheid en toerekenbaarheid staan dan in beginsel vast. Ook een bestuursorgaan kan een besluit intrekken of herroepen. Daaruit volgt niet automatisch dat het besluit onrechtmatig was. Doorslaggevend zijn de redenen daarvoor.

Formele rechtskracht: wanneer strandt een schadeclaim?

Een belangrijk begrip binnen de besluitaansprakelijkheid is de formele rechtskracht van een besluit. Heeft bezwaar en beroep niet geleid tot vernietiging of herroeping? Of is geen gebruik gemaakt van deze rechtsmiddelen? Dan moet de rechter er in beginsel van uitgaan dat het besluit rechtmatig is. Dit is een belangrijk aandachtspunt. Wie een besluit onherroepelijk laat worden, loopt het risico dat een latere schadeclaim daarop afstuit. Tijdig bezwaar en beroep instellen is daarom vaak essentieel.

Relativiteit: beschermt de geschonden norm uw belang?

Een onrechtmatig besluit leidt niet automatisch tot aansprakelijkheid. De geschonden norm moet strekken tot bescherming van het getroffen belang. Dit wordt het relativiteitsvereiste genoemd. De rechter kijkt daarbij naar het doel en de strekking van de norm. Bij vergunningaanvragers en andere directe geadresseerden levert dit vereiste doorgaans weinig problemen op. Dat ligt minder voor de hand bij derden die slechts indirect door een onrechtmatig besluit worden geraakt.

Causaal verband bij schadevergoeding wegens een onrechtmatig besluit

Een ander belangrijk discussiepunt is het causaal verband. Het enkele feit dat een besluit onrechtmatig is, betekent niet dat alle schade voor vergoeding in aanmerking komt. De rechter onderzoekt of ook een rechtmatig besluit tot dezelfde schade zou hebben geleid. Is dat het geval, dan ontbreekt het vereiste causale verband en hoeft het bestuursorgaan de schade niet te vergoeden.

Welke schade kan op de overheid worden verhaald?

Het Burgerlijk Wetboek onderscheidt vermogensschade en ander nadeel. Veelal gaat het om vermogensschade, zoals projectvertraging, extra advieskosten, hogere financieringslasten, gemiste inkomsten of waardevermindering. De schade wordt begroot door de werkelijke situatie te vergelijken met de situatie die zonder het onrechtmatige besluit zou hebben bestaan.

Bestuursrechter of civiele rechter?

Voor schadeclaims wegens onrechtmatige besluiten kunnen zowel de bestuursrechter als de civiele rechter een rol spelen. Uitgangspunt is dat de bestuursrechter op grond van artikel 8:89 Algemene wet bestuursrecht bevoegd is om schadeclaims wegens onrechtmatige besluiten te beoordelen. Bij schadeclaims tot € 25.000 bestaat in beginsel keuzevrijheid tussen beide rechters. Bij hogere schadeclaims is uitsluitend de civiele rechter bevoegd. Een verzoeker kan in dat geval ook zijn vordering beperken tot € 25.000 om eerst gebruik te maken van de bestuursrechtelijke procedure. De civiele rechter is voor het bedrag daarboven niet gebonden aan het oordeel van de bestuursrechter. Wel geldt dat de bestuursrechter niet langer bevoegd is zodra de zaak bij de civiele rechter aanhangig is gemaakt. Wisselen van spoor is dan niet meer mogelijk.

Welke route het meest geschikt is, hangt af van de omstandigheden van het geval. De bestuursrechtelijke procedure is doorgaans laagdrempeliger en goedkoper. De civiele procedure biedt daarentegen meer mogelijkheden om een vordering op maat in te richten, bijvoorbeeld bij complexe of omvangrijke geschillen.

Conclusie

Een onrechtmatig besluit kan leiden tot aanzienlijke financiële schade. Toch leidt niet ieder vernietigd of herroepen besluit automatisch tot aansprakelijkheid van de overheid. Voor een succesvolle schadeclaim moet aan verschillende voorwaarden zijn voldaan, zoals het tijdig inzetten van rechtsmiddelen en het kunnen aantonen van de schade. Daarom is het belangrijk om al tijdens bezwaar- en beroepsprocedures oog te hebben voor de mogelijke schade en de bewijspositie. Ook de keuze tussen de bestuursrechter en de civiele rechter kan van invloed zijn op de wijze waarop schade het beste kan worden verhaald. Wie daar tijdig op anticipeert, vergroot de kans op een succesvolle schadeclaim.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

-->

Meer informatie
-->