Menu

Filter op
content
PONT | Governance

0

Hoe staat het met politieke partijfinanciering?

In een democratie hebben politieke partijen hebben geld nodig om zich te organiseren, campagne te voeren en hun vereniging te onderhouden. Echter, wanneer die geldstromen waarmee zij dat financieren niet transparant zijn, bestaat het risico op dat bepaalde individuen of groepen disproportionele-, oneigenlijke- of criminele invloed uitoefenen op de democratie. De overheid wil dat voorkomen en introduceerde daarom de Wet op de politieke partijen (Wpp). In november 2025 is deze opgestuurd naar de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel bundelt zowel bestaande als nieuwe regels over politieke partijen. Voldoet het daarmee aan de internationale standaarden van Transparency International? En welke ontwikkelingen moet de wetgever meenemen in haar behandeling van de wet? In dit artikel legt TI-NL de wijzigingen in de Wpp langs de internationale meetlat: de Standards for Integrity in political finance.

Transparency International Nederland 20 mei 2026

Nieuws/persbericht

Nieuws/persbericht
grayscale photo of woman riding bicycle on road

Om te onderzoeken gebruikt Transparency International Nederland de internationale normen van Transparency International, The Standards for Integrity in political finance. De opgestelde normen kunnen worden gebruikt als leidraad voor wetgeving. Het kent vijf pilaren, namelijk: transparantie, integere politieke financiering, gelijk speelveld, gender gelijkheid en neutraliteit van de staat. Binnen deze vijf pilaren staan verschillende doelstellingen geformuleerd waar bij het schrijven van een wet rekening mee gehouden kan worden. Een wetsartikel kan niet, gedeeltelijk of volledig overeenkomen met de integriteit standaarden.

Wpp versterkt transparantie

De wet die nu naar de Tweede Kamer is gestuurd is de tweede versie van de Wet op de politieke partijen (Wpp). In vergelijking met de voorgaande wet, de Wet op de financiering van politieke partijen (Wfpp) en de eerste versie van Wet op de politieke partijen zijn er een aantal veelbelovende stappen gezet om de wet te versterken. De vernieuwde versie roept op tot een financiële administratie van politieke partijen waar inkomsten, vermogen, schulden en giften in gerapporteerd worden. In de eerste versie werden leningen nog niet opgenomen. Ook worden donaties van kandidaten aan hun eigen partij nu meegenomen in het donatieplafond, wat voorheen niet het geval was. Dit betreft 100.000 euro voor landelijke partijen en 20.000 voor decentrale partijen.

In de voorganger van de Wpp, de Wet financiering politieke partijen (Wfpp), waren alleen Nederlands staatsburgers toegestaan om donaties te doen. De regering constateert dat dit onverenigbaar niet verenigbaar zou zijn geweest met het Unierecht en specifiek het vrij verkeer van kapitaal (artikelen 64 tot en met 68 VWEU) en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) en meer specifiek artikel 11 over de vrijheid van vergadering en vereniging en artikel 14 over het verbod op discriminatie.  In de nieuwe wet is dat ook toegestaan voor individuen die niet Nederlanders die ingezeten van Nederland zijn. De regering ziet naar aanleiding van  In de Wfpp golden ook strenge eisen.

TI-NL vindt het een positieve ontwikkeling dat er onafhankelijke autoriteit wordt ingesteld: de Nederlandse autoriteit politieke partijen (Napp). In tegenstelling tot de huidige situatie, waarbij een onafhankelijk commissie de minister adviseert, wordt het toezicht belegd bij een zelfstandig bestuursorgaan (ZBO). Deze operationele onafhankelijkheid is belangrijk en voorkomt (de schijn van) politieke inmenging en belangenverstrengeling, voornamelijk wanneer er handhavend moet worden opgetreden.

Politieke advertenties

Een opvallende aanpassing ten opzichte van de eerdere variant van de Wpp is dat de definitie van politieke advertenties en bijbehorende wetgeving is verwijderd. Hierdoor missen de verplichtingen omtrent registers, sponsorinformatie, en targeting criteria van politieke advertenties. Dit wordt expliciet opgenomen in de standaarden van Transparency International. Artikel 24 van de Wpp verbiedt giften en giften in natura van buitenlandse rechtspersonen wanneer zij niet in het handelsregister ingeschreven staan als rechtspersoon of onderneming. Er wordt in het hele stuk echter nauwelijks gesproken over ideologische inmenging vanuit het buitenland. Dat is opvallend, want binnen de definitie van politieke advertenties stond eerder namelijk ook online communicatie die gefocust is op het beïnvloeden van kiezers expliciet benoemd. Het Kabinet heeft ervoor gekozen om geen aanvullende regels op te stellen bovenop de in 2025 in werking getreden EU Verordening transparantie en gerichte politieke reclame. Het toezicht heeft Nederland belegd bij drie verschillende instanties.

Dat er aandacht is voor buitenlandse inmenging in ons electorale systeem blijkt uit recente ontwikkelingen en voorbeelden uit het buitenland. De NGO Defend Democracy liet in aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen zien dat Russische beïnvloedingstactieken ook in Nederland zichtbaar zijn. Bovendien heeft het Nederlandse Ministerie van Defensie het afgelopen jaar nog gewaarschuwd voor de Russische hybride oorlogsvoering die steeds brutaler wordt. Het ministerie legt uit dat Nederland door haar ligging en infrastructuur van strategisch belang is voor Europa en de NAVO en daardoor in beeld is bij Rusland. Er zijn de laatste jaren ook verschillende voorbeelden van beïnvloeding door buitenlandse mogendheden in verkiezingen. Een tekenend voorbeeld is de Russische inmenging in de Roemeense presidentsverkiezingen van 2024. Bij die verkiezingen won de ultrarechtse kandidaat met een agressieve campagne op Tiktok, waarop een onderzoek van de Europese Commissie volgde die Russische inmenging bevestigde. Dit leidde uiteindelijk tot nieuwe presidentsverkiezingen in het land in 2025.

Transparante over interne structuur

De interne partijdemocratie is de afgelopen tijd het onderwerp van meerdere Kamervragen geweest. Tot op heden is het in de Wet financiering politieke partijen (Wfpp) zo geregeld dat partijen die niet voldoen aan de eisen van een vereniging, geen overheidssubsidie ontvangen. In de nieuwe versie van de Wpp is hieraan toegevoegd dat partijen transparant moeten zijn over hun interne structuur. Wel verlangt deze wet dat politieke partijen transparant zijn over de inhoud van hun statuten, organisatiestructuur, de interne procedures en de aanvullende voorwaarden die door de politieke partij worden gesteld om op de kandidatenlijst van de partij te staan. Deze regels en de discussie over dit onderwerp waren geïnspireerd op het Duitse Parteiengesetz, dat eisen stelt aan de structuur van een politieke partij. Echter, het Kabinet stelt duidelijk dat de huidige wet geen interne partijdemocratie garandeert, het feit dat politieke partijen op basis van deze wet transparant moeten zijn over hun interne organisatie kan volgens hen bijdragen aan een maatschappelijke discussie over het onderwerp.

Voorstanders van het aanscherpen van de interne democratie beargumenteren dat een politieke partij in een democratisch rechtsstelsel maatschappelijk ingebed moet zijn en kiezers actief de mogelijkheid moet geven om de koers van de partij te bepalen. Tegenstanders beargumenteren dat de spelregels van de democratie niet opgesteld moeten worden om bepaalde meningen of groepen buiten te sluiten en opportunistisch in te zetten tegen politieke tegenstanders. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) beargumenteert onder meer dat partijdemocratie een ongedefinieerd begrip is. Hierdoor is verbetering ervan een subjectief begrip.

Wat kan nog verbeterd worden?

In 2022 deed TI-NL vijf aanbevelingen voor de versterking van de transparantie van politieke partijfinanciering. De huidige wet komt aan aanbeveling 1 die stelde dat het controleerbaar moet zijn wie aan een partij doneert. Uit de nieuwe wet blijkt dat de identiteit van moet worden vastgesteld door de ontvangende partij (de politieke partij). Ook aanbeveling 3 en 4 lijken te worden uitgevoerd. Er komt een online platform waar het voor burgers mogelijk is om de financiën van politieke partijen in te zien.

Tegelijkertijd monitort TI-NL ook ontwikkelingen in de maatschappij die de integriteit van het electorale bestel kunnen schaden. Zo onthulde Follow the Money recent dat vastgoedondernemer Peter Poot via twee aan hem gelieerde stichtingen in totaal 200.000 euro doneerde aan Forum voor Democratie — het dubbele van het wettelijk maximum van 100.000 euro per donateur. Door zijn bijdragen te spreiden over twee rechtspersonen waarvan hij de ultimate beneficial owner (UBO) is. Uit de stukken blijkt dat het ministerie van Binnenlandse Zaken erkende dat de constructie was toegestaan omdat de Wfpp geen expliciete beperking stelt aan donaties via meerdere rechtspersonen met dezelfde UBO.

Het is niet de eerste keer dat het donatieplafond op deze manier wordt ontweken: in 2023 vond de NRC dat bestuurders van Otto Workforce op persoonlijke titel aan de VVD doneerde om hetzelfde donatieplafond te omzeilen. De Commissie toezicht financiën politieke partijen, die onder Wfpp de controle van de partijfinanciën uitvoert, adviseerde zich af of deze constructie te herzien of te verduidelijken omdat de omzeiling tegen de geest van de wet ingaat.

In 2022 deed TI-NL ook de aanbeveling om scherper toe te zijn op mogelijk misbruik met publieke middelen. In het algemeen worden politici en bewindvoerders geacht geen producten of diensten af te nemen bij organisaties waar men zelf een financieel belang bij heeft. Zo zijn er openbare aanbestedingstrajecten ingesteld en wordt er streng toegezien op verlening van contracten. Er zou een soortgelijk verbod moeten gelden voor politieke partijen. Zij ontvangen immers subsidiegelden van de overheid en zij zouden deze niet mogen gebruiken voor persoonlijke verrijking. Bijvoorbeeld wanneer politieke partij bestuurders eigenaar of bestuurslid zijn van een bedrijf waar zij producten of diensten van willen afnemen. Ook zijn er grijze gebieden te bedenken die aandacht vragen: wat doen we in het geval dat iemand aandeelhouder is van een evenementenlocatie waar die partij diensten afneemt? De overheid kan hier regels voor opstellen.

TI-NL beveelt de Tweede Kamer aan om de wet op de volgende punten te amenderen:

1. Toezicht uitgaven politieke partijen en een verbod op belangenverstrengeling bij bestedingen

De focus ligt de afgelopen jaren – terecht – sterk op de inkomsten van politieke partijen, maar onder de nieuwe Wet op de Politieke partijen zou ook meer toezicht moeten zijn op de uitgaven van politieke partijen. Met name wanneer politieke fondsen worden ingezet voor. Er moeten strenge normen en toezicht komen voor het gebruik van publiek geld. Specifiek waar het gaat om de besteding van geld leveranciers waar er sprake is van belangenverstrengeling bij bestuurders en gekozen volksvertegenwoordigers.

2. Verlies buitenlandse inmenging niet uit het oog 

De huidige wetgeving heeft de regels rondom politieke advertenties uit de wet gehaald. De Europese Verordening transparantie en gerichte politieke reclame heeft ervoor gezorgd dat verschillende toezichthouders toezien op de transparantie van politieke advertenties. In het kader van integriteit is het echter belangrijk dat ook deze wet de integriteit van onze verkiezingen versterkt en dat er in de gaten gehouden worden of de democratie niet wordt ondermijnt door het handelen van politieke organisaties. Dit moet meegenomen worden in de wetsevaluatie.

3. De regels voor de interne partijdemocratie

De nieuwe wet stelt eisen over de interne partijstructuur. Dat is een positieve ontwikkeling. De wet zou echter ook specifiek op eisen moeten opnemen tegen belangenverstrengeling. Daarom zou de wet moeten vereisen dat de politieke partijen bovenop de huidige regels het volgende opstellen: een governance code, een beleid tegen belangenverstrengeling, een klachtenreglement, inclusief een interne meldregeling.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter