Het hart van onze democratie klopt lokaal. Die stelling durf ik wel aan, zo vlak voor de gemeenteraadsverkiezingen. En precies daarom ligt er een grote verantwoordelijkheid bij iedereen die na de verkiezingen op 18 maart in de gemeentepolitiek aan de slag gaat. Bouwen aan onze democratie blijft nodig, ook door kiezers.

Dat lokale politici dicht bij hun kiezers staan, en de lokale democratie dus vitaler is dan de landelijke politiek, is een gedachte die veel gehoord wordt. Gevoelsmatig klopt het, maar tegelijk lijkt het te schuren met de feiten. Veel cijfers spreken deze stelling namelijk hartgrondig tegen. Neem de fors lagere opkomstcijfers bij gemeenteraadsverkiezingen. In 2022 kwam hierbij slechts de helft van de kiezers opdagen, terwijl bij de Kamerverkiezingen in 2025 de opkomst ruim 78 procent was.
Data uit kiezersonderzoeken geven een nog treuriger beeld over onze lokale democratie. Zo diept het Lokaal Kiezersonderzoek 2022, gemaakt na de gemeenteraadsverkiezingen in dat jaar, tal van sombere cijfers op. Veel kiezers laten hun lokale stem vooral afhangen van het landelijke sentiment. De belangstelling voor de lokale politiek is lager. Ongeveer de helft van de kiezers is geïnteresseerd in het lokale politieke wel en wee, terwijl 59 procent interesse heeft in de landelijke politiek. Lokale politici lijken de muurbloempjes van onze democratie.
Tegelijk somt het onderzoek ook kleine lichtpuntjes op: de interesse in lokale politiek is de afgelopen veertig jaar niet afgenomen, lokale thema’s zijn belangrijker geworden en kiezers oordelen minder negatief over de mate waarin raadsleden rekening houden met hun mening.
Bij die laatste constatering ligt de kiem voor de stelling dat het hart van onze democratie vooral lokaal klopt. Democratie is namelijk meer dan het uitbrengen van een stem en een wedstrijdje opkomst- en populariteitscijfers. Democratie gaat over het complete samenspel tussen inwoners en hun bestuurders, de interactie tussen samenleving en overheid. We zijn niet alleen een democratie op de verkiezingsdag, maar iedere dag van het jaar. En daarbij is vertrouwen cruciaal. Met dát vertrekpunt, komt de lokale democratie veel beter uit de verf.
Inwoners roeren zich relatief vaak lokaal. Om te protesteren tegen windmolens, als inspreker te pleiten voor meer of juist minder woningbouw of door raadsleden aan te spreken. Soms via officiële participatietrajecten, soms spontaan op zaterdag in de supermarkt. De ene keer via een digitale enquête vanuit de gemeente, een volgende keer via een online forum of petitie. Daarbij is de mening soms genuanceerd en met kennis van zaken, maar soms ook ongezouten en op basis van emotie. Zolang het binnen de grenzen van onze democratische rechtsstaat blijft – en graag ook nog een beetje fatsoenlijk – is het ene niet beter of slechter dan het andere. Het zijn allemaal vormen van democratische deelname. En kiezers doen dit niet voor niets. Het zijn blijken van vertrouwen in de lokale democratie. Uit hetzelfde kiezersonderzoek van 2022 blijkt namelijk dat slechts 19 procent van de inwoners denkt dat raadsleden zich niet bekommeren om de mening van mensen zoals zij. Er is ergens het vertrouwen dat het nut heeft om je te laten horen, dat je gezien en gehoord wordt. Voor Kamerleden geldt dat het wantrouwen op dit punt veel hoger is. Over hen denkt 41 procent van de kiezers dat ze zich niet echt iets gelegen laten liggen aan de mening inwoners.
Die grotere lokale democratische deelname en participatie vertaalt zich uiteindelijk ook op de verkiezingsdag. Relatief veel kiezers geven lokaal een bewuste voorkeursstem aan een andere kandidaat dan de lijsttrekker: 54 procent lokaal tegenover 32 procent landelijk. Hoe kleiner de gemeente, hoe vaker kiezers aangeven dat ze dit doen omdat ze de kandidaat persoonlijk kennen. Eenzelfde beeld zien we als we kijken naar het vertrouwen wat kiezers hebben in politici. Volgens het Lokaal Kiezersonderzoek 2022 heeft ongeveer 60 procent van de inwoners veel of tamelijk veel vertrouwen in de lokale politiek. Kamerleden en andere landelijke politici scoren fors lager. Een CBS-onderzoek, ‘Vertrouwen in instituties’ uit 2023 komt zelfs niet verder dan 29 procent voor leden van de Tweede Kamer.
Vertrouwen; een democratie kan niet zonder. Het is een basis die lokaal nog functioneert. Dat dit vertrouwen blijft is geen natuurwet, het vraagt de dagelijks inzet van iedereen die het aandurft lokaal politiek actief te zijn. Dit lef van lokale politieke helden verdient steun. Steun, niet alleen in de vorm van bloemen, applaus en een hogere opkomst bij verkiezingen. Maar ook steun door al die weken, maanden en jaren daarna hen positief kritisch te blijven volgen.
Arne Schaddelee
Auteur van het Zakboek voor Kiezers en sinds november 2025 wethouder in Wijk bij Duurstede
