Een 64-jarige man wordt veroordeeld voor het gewoontewitwassen van een totaalbedrag van € 1.310.365 over een periode van meerdere jaren door contante geldbedragen te storten op bankrekeningen van hemzelf of aan hem gelieerde vennootschappen. De rechtbank acht het standpunt van de verdediging dat het geld afkomstig is uit de verkoop tegen contant geld van (grotendeels) privébezittingen, zoals (k...